Als alles één is….. (2)

Als alles één is.  Dan ben ik ook de zon en de maan. Dan ben ik de bloem die zo lekker ruikt en de regenboog. Ik ben de regendruppels en alle zandkorrels. Ik ben de appel en de sinaasappel en ook de pitjes die er in zitten. En het zoete sap natuurlijk! Ik ben het stromende water maar ook het water dat stilstaat. Ik ben de diamant en de edelstenen, de groene weide en de hemelsblauwe lucht. Ik ben de weg en degene die hem bewandelt.
 
Als alles één is. Dan ben ik ook de fabriek en de auto. Ik ben alle uitlaatgassen en de rioleringsbuizen. Ik ben de ontlasting die erdoorheen gaat. Ik ben het weggegooide lege blikje dat in de struiken ligt en ik ben ook de jongen die het blikje leegdronk en daar in de struiken gooide. Ik ben de scheldwoorden en de agressie in het verkeer.
 
Als alles één is. Dan ben ik ook de dief, de crimineel. Ik ben de oplichter. Ik ben de moordenaar. Niet alleen de kwade, maar ook de gewetenloze en de sadistische. Ik ben de zelfmoordterrorist. En ik ben ook de bomgordel die hij draagt, en het ontstekingsmechanisme en de explosie. Ik ben de dierenbeul. En het mes dat het paard verminkt. Ik ben ook het paard. Ik mishandel kinderen en ik schep er genoegen in. Ik ben ook het kind dat lijdt. Zijn angst en zijn eenzaamheid ben ik ook. Als alles één is.
 
Als alles één is. Dan ben ik de dictator. Ik ben de kampbeul en het martelwerktuig. Ik ben het chemische wapen dat verminkt. Ik ben de pedofiel en de groepsverkrachter. Ik ben de kogel en het pistool en de vinger die het pistool doet afgaan. Ik snijd de keel door. Moeiteloos. Als alles één is.
 
Als alles één is. Dan ben ik de bloembol die nog onder de grond zit en die zich daar in de duisternis een weg omhoog naar het licht werkt. Ik ben de rups, de cocon en de vlinder. Ik ben de parels en het goud. Ik ben alle kleuren van de wereld. Ik ben het muziekinstrument maar ook de klanken die het voortbrengt en ook de haartjes op het trommelvlies die de klanken ontvangen. Ik ben de benen die dansen.
 
Als alles één is. Dan ben ik alles, echt alles. Dan ben ik de liefde en de haat en alles ertussenin. Dan creëer ik en vernietig ik. Dan ben ik al het mooie en al het lelijke. Als alles één is ben ik al het verachtelijke dat ik veracht.
 
Als alles één is, dan is iedere veroordeling een veroordeling van mijzelf. Als alles één is, dan zie ik mezelf in wat ik verafschuw. Evenveel als ik mezelf zie in wat ik bewonder en prijs.
 
Als alles één is, resteert nog maar één vraag: wat betekent dat voor mij als mens?
quote aurobindo
Advertenties
Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie

Als alles één is…. (1)

Op mijn spirituele pad heb ik ooit eens opgepikt dat alles (uiteindelijk) één is. All is one. Er is geen afgescheidenheid. Afgescheidenheid is een aspect van de illusie waarin we leven. In werkelijkheid zijn we allemaal één. En is alles één.

we-are-one

Dat inzicht kon ik op dat moment niet echt begrijpen. Hoe kan alles nou één zijn als ik hier ben en jij daar? Als dit kopje hier en staat en dat kopje daar? Mijn hoofd wist er niet veel raad mee maar het idee kon ik op m`n pad toch wel meenemen. Ik deed het niet meteen af als onzin. Alsof ik op een bepaalde manier kon voelen dat het waar is.

Nog steeds is de gedachte dat alles één is voor mij eigenlijk nauwelijks meer dan een gedachte. Ik heb er eigenlijk nooit een ervaring bij. Toch heeft het in mij op de een of andere manier post gevat. Voor mij is het als het ware onomstotelijk zo dat alles één is. Ook al ervaar ik er niks van.

Door me te verdiepen in tal van zaken, door heel veel te lezen ben ik steeds meer gaan begrijpen en zien dat het gehele menselijk bestaan, ja, gewoon illusoir is. Best een onthutsend inzicht. Maar gaandeweg, door dingen aan elkaar te koppelen, ben ik gaan begrijpen dat de afgescheidenheid, hoe reëel ook in het menselijk bestaan, toch ook een stuk is van die illusie. En dat de idee dat alles één is, iets met de werkelijkheid van doen heeft.

Aan de slag

Inmiddels ben ik volop ‘aan de slag gegaan’ met het besef dat ik in een illusie leef terwijl in werkelijkheid alles één is. Door dat laatste stukje (‘dat alles in werkelijkheid één is’) in m`n leven te betrekken, wordt de wereld voor mij een totaal andere plek.

Wat bedoel ik met ‘aan de slag gegaan’? Ik heb mezelf de volgende vraag gesteld: als alles in werkelijkheid één is, wat betekent dat dan voor mij als mens?

En dat gaat dan bijvoorbeeld als volgt.
Ik kijk om me heen: ik ben dus ook dat theekopje. Ik ben dus ook die boterham. En ook het beleg. Ik ben dus ook die auto en dat kiezeltje bij de stoeprand. Jeetje, ik ben ook die stoeprand. En de mier die eroverheen loopt. Hmm, ik ben ook die aso die veel te hard door deze woonwijk rijdt. Nee, wacht even. Die aso ben ik niet. Ik rijd nooit te hard door een woonwijk. Dus…..

En daar gebeurt iets interessants. Nog zo doordrongen van het feit dat alles één is, verwerp ik de op zich toch heel logische gevolgtrekking dat ook de aso daarbij hoort. Best bijzonder. Want, als alles één is, dan is niets daarvan uitgezonderd en ben ik dus ook die aso. 

En ook Donald Trump. En ook de jihadist, de moordenaar, de dief, de verkrachter, de sadist, de viespeuk, de hooligan, de dictator, de dierenbeul, de vervuiler, de graaier, de bedrieger, de leugenaar. En ga zo maar even door. Help! Ben ik dat ook allemaal?

Ja, dat ben ik ook allemaal. Ik wil het misschien anders, maar het kan niet anders. Als alles één is tenminste. En dat geloof ik. En met mij vele anderen.

Wat betekent dit voor mij?

Maar dan toch weer de vraag: wat betekent dat dan voor mij als mens? Een mens op een spiritueel pad ook nog?

Heel veel denk ik. Want ik kom er langzaam maar zeker achter dat het klopt. Ik ben al dat verschrikkelijke wat ik hier net heb genoemd. Het zit in me. Ik ben dat ook.

Want waarom reageer ik zo vol minachting op de aso die te hard door de woonwijk rijdt? Waarom word ik ziedend op die eikel die zó lang wacht met optrekken bij het verkeerslicht dat het weer op rood springt als ik er aan kom? Als ik `m in m`n auto vervloek, zeg ik eigenlijk: die man mag niet bestaan. Hij moet nu meteen opgesloten worden voor z`n sukkelige gedrag. Hij moet gestraft worden. Zulke mensen verdienen het niet om rond te rijden.

Of, als m`n vrouw een andere mening heeft over wat de kleur van de nieuwe vouwgordijnen zou moeten worden, dan wil ik gewoon de baas zijn en alles zelf beslissen en met niemand rekening hoeven houden. Klinkt verdacht veel als een dictator. Of als Donald Trump.


Hoe meer ik mezelf bekijk in het licht van de gedachte dat alles één is, hoe meer ik ontdek dat het klopt. Alles zit in mij. Het is bijna niet te verteren. Maar het kan niet anders. Alles wat ik verafschuw en veroordeel ben ik zelf. Ik bén het. Ik veroordeel het juist vanwege de illusie waarin ik leef. In de illusie kan ik doen alsof het zaken zijn die van mij zijn afgescheiden. In de illusie kan ik dus doen alsof al het verachtelijke niets met mij te maken heeft. Dan kan ik het buiten me plaatsen en lekker veroordelen. Maar niets is van mij afgescheiden als alles in de werkelijkheid één is. Zo leer ik dus dat elk oordeel van mij –  waarover dan ook – voortvloeit uit de illusie van afgescheidenheid. In werkelijkheid zegt ieder oordeel van mij iets over mezelf, namelijk hoe ik zelf ben.

Als alles één is, dan zijn dit wel zaken die daaruit voortvloeien volgens mij. Ik geef toe: een hele kluif om te behappen! Maar het leven op mijn spirituele pad wordt er eerlijk gezegd wel stukken interessanter van.

rumi we are one

De evolutiekracht speelt een spel

En het wordt nóg interessanter als we ons afvragen hoe het nou komt dat zich al die verschrikkelijkheden in de wereld voordoen die we zo verafschuwen. Waarom doen mensen zulke vreselijke dingen? Want de gruwelen die zich in de wereld voordoen zijn nog vele malen erger dan in de ergste nachtmerrie. Waarom doen wij mensen dat?

Volgens mij is het antwoord even simpel als verstrekkend: we doen dat omdat mensen niet anders kunnen. We zijn zo gebouwd. Al die mechanismen die die gruwelen veroorzaken zitten in ons gegrift. Ons lichaam doet het,   dus het komt uit ons lichaam voort. Als het er niet in zit, kan het er met geen mogelijkheid uit komen. Het is in die zin een materiële kwestie. Ons lichaam bestaat uit bouwstenen en dus zouden we eens goed moeten leren kijken naar die bouwstenen.

De mens staat nu aan de top van de voedselketen. We denken dat we alles zijn en alles kunnen. Tegelijkertijd zijn er al miljarden jaren evolutie verstreken. Wij mensen lijken wel te denken dat we het eindstation zijn van de evolutie maar wat als dat nu eens niet zo is? Het is veel meer aannemelijk dat er de komende miljarden jaren nog andere levensvormen het licht gaan zien, net zoals er na de planten dieren en na de dieren mensen zijn gekomen. 

Ik ben ervan overtuigd geraakt dat er een evolutiekracht is die alles voortstuwt. Van stenen en mineralen, planeten, vulkanen zijn we via het plantenrijk naar het dierenrijk gegaan en uiteindelijk zijn er nu mensen. Deze evolutiekracht is duidelijk bezig met een machtig spel. Het is een spel dat gespeeld wordt in de materie. Materie als ingekapseld licht. Materie die in de evolutie steeds nieuwe mogelijkheden biedt voor de evolutiekracht om haar spel te spelen. Het spel gaat ergens naartoe. Nu is er zelfs een pakket materie dat kan denken: de mens. Het spel is er nog boeiender door geworden.

Waar gaat dit heen?

Maar, waar gaat dit alles heen? De mensheid is hard bezig zichzelf uit te schakelen. We verwoesten elkaar en onze leefomgeving. We weten het en we blijven er gewoon mee doorgaan. We blijven in wezen hetzelfde doen. Waarom gaan we niet op zoek naar wat de evolutiekracht misschien nog meer in petto heeft? Waarom duiken we niet met de evolutiekracht in het spel van de materie? Waarom gaan we niet op zoek naar een nieuwe manier van zijn, een volgende stap in de evolutie, een die het mens-zijn ontstijgt? 

Of, laten we niet meteen te hard van stapel lopen, we kunnen ook eens proberen te streven naar vervolmaking van het mens-zijn. Want de mens is duidelijk nog niet af. De mens is vooral nog een heel onbewust levend wezen. Het overgrote deel van ons denken, voelen en doen wordt onbewust aangestuurd. De mens is ook nog erg onwetend: ook al leveren we nog zulke technische huzarenstukjes, op de levensvragen heeft niemand nog antwoord gevonden. We weten eigenlijk nog niks over de kern van de dingen en we stellen amper vragen. Een blik om je heen en het is snel duidelijk dat de mens, als soort, nog niet volmaakt is.  Wat we met z`n allen doen hier op deze wereld tart eigenlijk het voorstellingsvermogen. Het doet me denken aan de confronterende cartoon waar een jongen naast Jezus op een bankje zit. De jongen vraagt aan Jezus: maar waarom sta je toe dat de mensen verhongeren, dat er oorlogen zijn, ziektes, misdaad, lijden en wanhoop? En dan zegt Jezus: wat leuk dat je hierover begint, ik wilde jou net hetzelfde vragen.

why-do-you-allow-

In een notendop: we doen het zelf. Wíj doen het.

De mens is nog niet af

Maar wat betekent het nou echt dat het bij de beesten af is wat we met elkaar doen? Het betekent volgens mij dat we moeten erkennen dat we nu zo zijn in onze materie. Het spel van de evolutiekracht is nu zo ver dat we als mensheid dit doen. Wat we nu zien om ons heen is het allerbeste wat we nu kunnen voortbrengen met onze materie, met onze lichamen. Je zou kunnen zeggen dat (de materie van) de mens nog niet af is. Evolutionair gezien is de mens ook nog maar net uit het ei gekropen. We zijn het dierenrijk nog maar net ontstegen. Dus geen wonder dat we als mensen nog zoveel dierlijk gedrag vertonen. ‘Bij de beesten af’ is eigenlijk een heel adequate duiding van het menselijk handelen. We zijn immers vooral nog beesten. De mens is nog helemaal niet tot wasdom gekomen. Dus nogal wiedes dat het zo`n puinhoop is. De (materie van de) mens zou nog verder vervolmaakt moeten worden om een andere wereld te kunnen creëren met elkaar. Dat kunnen we niet zelf, het menselijk bewustzijn is daarvoor immers nog totaal ontoereikend. Dat kan alleen de evolutiekracht zelf voor ons doen. Dus tot die kracht moeten we ons richten en haar de vraag stellen of zij onze materie in behandeling wil nemen zoals het past in haar plannen. Dat is een stap die het ego pas werkelijk ontstijgt en ik denk dat het daar nu de hoogste tijd voor is.

Tot slot: hoe verder?

Tja, als alles één is…. Dan betekent dat nogal wat voor ons als mens, als je er eens bij stil staat.

We kunnen het wel roepen en affirmeren maar we hebben nog geen ervaring met ‘één’ omdat onze materie dat per definitie verhindert, namelijk omdat die evolutionair gezien gewoon nog niet zo ver is. De illusie is nog te levend en de afgescheidenheid daarom onze ervaring. Alle gruwelen, ze zijn in onze materie verankert. Anders konden ze nooit leiden tot een manifestatie aan de oppervlakte. Met een verandering van de materie zelf, al was die nog maar zo minuscuul, zou de wereld er al heel anders uit laten zien. Juist omdat alles één is.

Als mens zouden we ons dus kunnen wenden tot de grote onbekende evolutiekracht, de bron, de in alles aanwezige energie die alles doordrenkt. Dit kan elke dag, overal en gedurende elke (in)activiteit. In een lichte concentratie kan je de evolutiekracht vragen of ze jouw lichaam tot haar instrument kan maken. Misschien komt het dan een keer zover dat het licht dat in onze elektronen zit opgesloten vrijkomt in een bewust lichaam waarin alle vermogens die er al die tijd in zaten opgesloten vrijelijk beschikbaar zijn.

Als je meer wilt weten over deze benadering van het menselijk bestaan en eens praktisch aan de slag zou willen met die lichte concentratie gedurende alledaagse activiteiten, bekijk dan eens de website van www.elektoor.com. Deze stichting is begin jaren tachtig opgericht om het mogelijk te maken dat mensen op deze manier een vervolg kunnen geven aan hun spirituele pad.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Verantwoordelijk zijn

wijs-je-een-vinger-naar-een-ander

 

Inleiding

 

In dit artikel neem ik je mee op een denkspoor waarop ik de afgelopen tijd heb gewandeld. Het denkspoor heeft te maken met verantwoordelijk zijn voor jezelf. Met ‘jezelf’ bedoel ik hier: je gevoel, je gedachtes en je gedrag.

Mijn stelling is dat ik altijd verantwoordelijk ben voor wat ik voel, denk en doe. Nooit is iemand anders dat, noch kan ik de verantwoordelijk leggen bij ‘de omstandigheden’.

De onderbouwing is heel simpel eigenlijk. Volgens mij is het namelijk zo dat niemand me dwingt te voelen wat ik voel. Dat doe ik zelf. Niemand dwingt me te denken wat ik denk. Dat doe ik zelf. Niemand dwingt me te doen wat ik doe. Dat doe ik zelf. Dat ‘dwingen’ bedoel ik ook heel letterlijk: ik word niet gedwongen. Mijn leven staat niet op het spel als ik me anders zou voelen, als ik anders zou denken of doen. Ik heb in theorie dus alle vrijheid in iedere situatie om te doen wat ik wil. Van buitenaf is er niets of niemand die mij die vrijheid ontneemt.

 

Een voorbeeld

 

Ik heb een zoon van net 2. Hij ontdekt de kracht van de ‘nee’. Hij doet soms uitermate weigerachtig en ongehoorzaam. Als ik dan boos word, ligt dat dan aan mijn zoon? Ik vind van niet. Immers, dwingt hij mij om boos te worden? Nee, dat kan ik met goed fatsoen niet beweren. Hij gedraagt zich op een bepaalde manier, maar hij dwingt mij niet boos te worden. Dan zou hij bijvoorbeeld een mes op m`n keel moeten zetten en zeggen: ‘nu boos worden! Anders snijd ik je keel door’. Dat zou dwingen zijn. Maar dat doet hij niet. Het enige dat hij doet is weigerachtig en ongehoorzaam zijn. Ik heb in deze situatie alle vrijheid om te reageren hoe ik wil. Boos worden is een optie. Geduld beoefenen een andere. Het met humor bekijken ook. Of het zien als een ontwikkelingsfase van mijn zoon waarin hij ontdekkingen doet en hem complimenteren met de grenzen die hij voelt en uitspreekt. Opties te over.

Maar vaak word ik gewoon boos, zonder die opties allemaal te overwegen. En ik vind het nog volstrekt logisch ook. ‘Terecht’ noem ik dat dan. Het ligt namelijk aan zijn gedrag dat ik boos word. Maar wat ik dan feitelijk doe is hem verantwoordelijk maken voor mijn reactie op hem. Alsof hij mij boos máákt. Terwijl: IK word boos, zonder enige dwang van buitenaf. Hij dwingt mij daar niet toe. Wie is hier nou verantwoordelijk? Hij is nota bene twee!

Ouders met jonge kinderen zullen mijn boze reactie misschien begrijpen en vergoeilijken. Weigerachtige peuters zijn ook bloedirritant soms. En toch, niemand dwingt me. Ik sta dus zelf aan het roer. Ik beschik over alle keuzes.

 

Verantwoordelijk zijn: de regel en de uitzonderingen

 

Goed, ik zeg dus: ik ben altijd verantwoordelijk voor wat ik voel, denk en doe. Nooit is iemand anders dat, noch kan ik de verantwoordelijkheid leggen bij ‘de omstandigheden’.

Hierop gelden een paar uitzonderingen:

  • Tenzij er sprake is van dwang.
  • Tenzij er sprake is van hulpmiddelen. Denk bijvoorbeeld aan een pilletje dat mijn emoties beïnvloedt, of druppeltjes of andere vormen van mind control zoals hypnose.

 

Tweede voorbeeld

 

Laten we deze regel eens loslaten op een volgend voorbeeld: onze kinderen hebben allebei jarenlang heel slecht geslapen. Als baby’tjes hielden ze ons weken achtereen uit de slaap. Ze werden wel 5 tot 10 keer per nacht huilend wakker, iedere nacht weer. Op een gegeven moment kreeg ik gevoelens van wanhoop en radeloosheid. Kan ik mijn kinderen daarvoor verantwoordelijk maken? Ik vind dus van niet. Het enige wat ze deden was: wakker worden en huilen. Hoe naar ook voor ons, welbeschouwd was dat het enige. Ze maakten geluid met hun lichaampje. Er was (slechts) een geluid van mijn baby. Dat kwam via mijn zintuigen bij me binnen. Vanaf dat moment kon ik ermee doen wat ik wilde, was het mijn aangelegenheid geworden. Ik, en alleen ik, ben daar verantwoordelijk voor. Mijn reactie op het huilen was dus helemaal van mij. Niets daarvan hoort bij de baby. Natuurlijk is de baby niet verantwoordelijk voor mijn reactie op zijn huilen. Hoe zou hij dat kúnnen zijn? Een baby! Alsof die er bewust op uit is mij wanhopig te laten voelen…

In dit voorbeeld zijn de uitzonderingen ook niet van toepassing. Er was namelijk geen sprake van dwang om me wanhopig en radeloos te voelen. Ik moest het niet van ze en mijn leven stond niet op het spel als ik me anders zou voelen. Evenmin hadden ze hulpmiddelen tot hun beschikking om wanhoop en radeloosheid in mijn lichaam op te wekken. Deze gevoelens werden mij niet op de een of andere wijze kunstmatig toegediend. Nee, die gevoelens waren het resultaat van een proces dat zich in mij voltrok.

Slapeloosheid is dan misschien een uiterlijke omstandigheid waarvan veel mensen zullen zeggen: logisch dat je je zo voelt. Akkoord. En misschien gebeurt er fysiologisch ook wel iets met je als je langdurig te weinig slaapt. Maar dan nog is het niet de baby die ervoor verantwoordelijk kan worden gehouden. Alle opties om er op te reageren staan tot mijn beschikking. Dat ik ze misschien niet zie, is van mij en niet van de baby. Maar het wanhopige gevoel ontstaat hoe dan ook in mij. Ik kan de verantwoordelijkheid voor mijn reactie op de situatie dus niet buiten me leggen, hoe graag ik het ook wil.

 

Hoe ik reageer is mijn aangelegenheid.

Hoe ik reageer is mijn aangelegenheid.

 

 

De regel nog een keer

 

Ik ben dus de enige die verantwoordelijk gehouden kan worden voor mijn gevoel, denken en doen. Nooit kan iemand anders dat zijn. Mijn voelen, denken en doen is het gevolg van een intern proces. Hoe verontschuldigend de uiterlijke omstandigheden soms misschien ook zijn. Behalve dus ingeval van dwang of gebruikmaking van hulpmiddelen. Maar hiervan is eigenlijk nooit sprake. Laat dat eens tot je doordringen. Ik vond het behoorlijk heftig.

 

De praktijk

 

Hoe logisch dit allemaal misschien ook moge klinken, als het dat al doet, meestal doen we in de praktijk alsof het wél zo is dat de ander of de omstandigheden verantwoordelijk te houden zijn voor hoe jij je voelt, hoe je denkt of doet. Maar wat we dan doen is de ander kwaliteiten toedichten waarover die niet bezit. Beetje raar en dom dus eigenlijk. Zonder dwang of hulpmiddelen heeft een ander feitelijk geen invloed op mijn innerlijke wereld.

Klein voorbeeld: een automobilist snijdt me af. Als ik vind dat het aan hem ligt dat ik in woede ontsteek dan zeg ik dus: hij máákt me boos. Hij doet dat. Niet ik. De waarheid is: ik word boos. Ik word er niet toe gedwongen en hij past geen hulpmiddelen toe. Als het al zo zou zijn dat hij me boos maakt, dan heb ik het laten gebeuren. Ik had alle keuzes om te reageren op de situatie. Als ik de verantwoordelijkheid voor mijn boosheid bij de automobilist leg gedraag ik me als een willoos slachtoffer. Alsof ik door hém geen andere opties had dan boos worden. Wat een macht ken ik die ander dan toe…

Als je er op gaat letten gaat het de hele dag zo door, in het groot en het klein. Maf eigenlijk, als je erbij stil staat. Ik neem maar heel erg weinig verantwoordelijkheid.

 

Hoe nu verder? Vragen te over!

 

Ik kan de ander, of de uiterlijke omstandigheden dus niet, nee: nooit, verantwoordelijk houden. Nooit. En het absolute hiervan vind ik nog erg moeilijk om mee om te gaan. Maar dat het zo ís, daar kan ik niet meer omheen. Er zijn misschien een paar uitzonderingen (dwang, hulpmiddelen) maar die zijn nog nooit aan de orde geweest en zullen het waarschijnlijk ook nooit zijn. Dus al die keren dat ik mijn voelen, denken en doen toeschreef aan de ander of de omstandigheden, sloeg het in feite nergens op.

Dat is nogal wat. Het roept ook veel vragen op. Want hoe komt het eigenlijk dat ik geen verantwoordelijkheid neem? Waarom schuif ik die af en maak ik zo die ander heel belangrijk? Waarom ervaar ik geen keuze en reageer ik zo volautomatisch? Heb ik eigenlijk wel iets te willen hierin? Hoe kan ik hier nu praktisch mee omgaan? Hoef ik me van een ander dan nooit meer iets aan te trekken? Wat betekent dit alles eigenlijk voor mij, en voor de mens als soort? Want ik ben ervan overtuigd dat ik niet alleen zo functioneer. Iedereen doet zo.

Vragen te over dus. En ik ga verder op zoek naar antwoorden. Als ik ze heb gevonden zal ik ze hier wel delen. Voorlopig geniet ik even van het bevrijdende inzicht dat een ander of ‘de situatie’ feitelijk geen invloed op me hebben. Onmogelijk. Tenzij er dus dwang is of sprake van geheime pilletjes of instrumenten. Maar daar is geen sprake van. Heerlijk inzicht! Ook al ben ik nog verre van bevrijd van het mechanisme om anderen verantwoordelijk te maken, het verschaft toch wel de nodige lucht.

Tot zover dus. Hopelijk kon je het volgen. O wacht, dat is helemaal niet aan mij… Want hoe jij deze blog verwerkt, dat doe je helemaal zelf! Ik heb alleen maar letters achter elkaar gezet, met hier en daar een spatie en een leesteken… Wat het bij jou oproept, daar heb ik geen invloed meer op ;-)…

 

Jouw keuze, jouw verantwoordelijkheid.

 

 

 

 

Geplaatst in Uncategorized | 3 reacties

Opvoeden? Als tuinman!

Bekijk eens dit prachtige filmpje:

Je ziet hoe kinderen volwassenen nadoen. De volwassenen in het filmpje laten gedrag zien dat de gemiddelde burger af zal keuren maar dat toch veel voorkomt. Door de niet mis te verstane beelden is de boodschap voor de opvoeder snel helder: let goed op welk voorbeeld je geeft aan kinderen!

Het filmpje is voor mij zo raak omdat het de rol van de opvoeder op subtiele en tegelijkertijd confronterende manier duidelijk maakt. Na het zien ervan kan iedere twijfel over de rol van opvoeding op de ontwikkeling van kinderen de prullenbak in. Dit is inderdaad hoe het werkt.

 

En het laat zich ook verklaren. Het brein is namelijk nog lang niet af bij de geboorte. Op zich al een enorm belangwekkend gegeven dat mijns inziens meer aandacht verdient dan het krijgt in opvoedingsland. Ik wil er nu 1 aspect uitlichten en dat is dit: als het wordt geboren heeft een kind nog geen cognitief referentiekader.

 

Daarmee bedoel ik dat een kind nog niet weet wat wel en niet ‘hoort’ of ‘mag’. Het weet nog niet wat verantwoordelijkheden en grenzen zijn noch heeft het al besef van de waarde van dingen. Het jonge kind heeft van deze, en heel veel andere zaken, nog geen weet. Er bestaan geen aangeboren concepten van. Deze concepten kunnen pas gevormd worden als het brein hierover informatie krijgt. En die krijgt het, via de zintuigen, uit zijn omgeving. Uiteindelijk zal het brein alle indrukken die het hierover binnenkrijgt omzetten in een eigen referentiekader. Het kind ontwikkelt zijn referentiekaders dus door wat het meemaakt, ziet en hoort in en ontvangt van zijn omgeving.

 

all i will know is what you teach me 2

 

En de belangrijkste personen daarin zijn wij uiteraard, de opvoeders. Wij zijn hun voorbeelden, zoals in het filmpje en in deze quote zo mooi tot uitdrukking komt. Wij vormen kinderen in belangrijke mate door wat we ze laten meemaken, zien, horen en ontvangen. Ieder moment opnieuw hebben wij de keuze wat dat gaat zijn.

Dus de prangende vraag is: wat gaat dat zijn?
Even een klein uitstapje.

Zoals ik het zie zijn opvoeders net als tuinmannen (en -vrouwen). Een tuinman weet dat zijn tuin net zo mooi zal worden als de kwaliteit en kwantiteit van de aandacht die hij erin stopt. Hij weet dat sommige plantjes meer water nodig hebben en andere meer zonlicht. Weer andere plantjes geeft hij een stokje om langs te groeien. Er zullen plantjes zijn die op hun plek blijven en andere zullen blijven proberen om buiten de perken verder te groeien. Elk plantje is uniek. En alle unieke kwaliteiten van het plantje zaten al besloten in het zaadje dat het ooit was. De tuinman weet dit en hij weet ook wat nodig is om de unieke kwaliteiten eruit te laten komen. Hij verdiept zich, hij observeert en hij heeft geduld. En hij leert. Hij leert van de plantjes. Hij staat open om zelf ook te groeien. Om een betere tuinman te worden. Hij heeft de plantjes dus nodig, net zoals de plantjes hem nodig hebben. Hun relatie is gelijkwaardig.

 

start digituin home 8-12

 

Zo denkend in deze metafoor van de tuinman, kom ik terug bij het brein dat nog niet af is als kinderen geboren worden, het ontbreken van een cognitief referentiekader en dat wij opvoeders de belangrijkste mensen zijn van wie zij dat kader aangereikt zullen krijgen.

 

Een tuinman weet: “wat je zaait is wat je oogst”. Als je een tomatenplantzaadje in de grond stopt kan je niet verwachten dat er een aarbeienplantje uit de grond omhoog komt. Hetzelfde principe gaat op in de opvoeding. Als we zelf rommel op straat gooien (zaaien) kunnen we niet verwachten dat een kind dat nooit zal doen. En dus oogsten we kinderen die rommel op straat gooien. Wij geven het kind namelijk de informatie (of boodschap): “rommel op straat gooien kan je gewoon doen” en dat wordt dus het aangereikte referentiekader. Het is een vorm van zaaien. Er komt uit wat je erin stopt.

 

children are great imitators

 

Door wat we doen en niet doen richting kinderen, zaaien we allerlei boodschappen bij ze. Boodschappen over ‘goed’, ‘fout’, wat ‘normaal’ is, hoe de wereld in elkaar zit, hoe je met elkaar omgaat, hoe je voor jezelf zorgt, hoe je samenwerkt, hoe je met je emoties omgaat, enzovoort. Maar we zaaien ook boodschappen over hoe we over ze denken of wat we voor ze voelen. Dit gaat vaak onbewust en meestal bedoelen we het ook niet zo. Maar het gebeurt wel, door hoe we reageren (of juist niet reageren), door onze blik, door de toon in onze stem, door de kwaliteit en kwantiteit van onze aandacht.

Ga bijvoorbeeld maar na hoe het voor jezelf zou voelen als je leidinggevende je plotseling, zonder enige toelichting, op strenge toon vertelt dat je moet meekomen, en wel nu. Hoe voel je je dan behandeld? Wat ben je dan in de ogen van je leidinggevende? Eenzelfde boodschap krijgen kinderen van ons als we zo met ze omgaan.

 

Alle boodschappen tezamen, of we ze nou bewust, onbewust, bedoeld of onbedoeld op de kinderen hebben gericht, vormen het referentiekader vanwaaruit het kind zichzelf in de wereld zal neerzetten. Vanuit dit kader gaat het naar zichzelf en de wereld kijken en het zal overeenkomstig gedrag laten zien.

 

Toch wel even iets om bij stil te staan. Niet alleen om de mogelijke negatieve gevolgen van het referentiekader dat we aanreiken, maar juist ook vanwege de positieve. Want als het zo werkt, dan werkt het dus ook de positieve kant op! Dit besef biedt enorme kansen en opvoeden kan – eenmaal van dit besef doordrongen – enorm vervullend worden. En dat is toch een welkom perspectief, zeker wanneer je opvoeden vooral associeert met stress, conflicten, strijd, discussie en orde handhaven.

 

Dus hoe mooi zou het zijn als we ons vaker bewust zijn van de boodschappen die we zaaien? Als we vaker bewust de keuze zouden maken wat we onze kinderen laten meemaken, zien, horen en ontvangen? Zo kunnen we een referentiekader meegeven waar de wereld sterker, mooier, blijer, liefdevoller, gezonder en lichter van wordt.

 

Opvoeden als tuinman dus, dat is waartoe ik wil uitnodigen!

 

children are the only future...

Kijk op http://www.essisme.nl voor concrete handvatten om positief en bewust te gaan zaaien. Ik ben er laaiend enthousiast over!

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Onze grootste blinde vlek: kinderen

blinde vlek

 

Inleiding

 

 

Ik zat onlangs een filmpje te kijken van een 14-jarige activiste die opkomt voor het recht te weten wat er in ons eten zit. Het was een oproep aan iedereen om te staan voor dit recht. Niet per se een aanklacht tegen genetisch gemodificeerd voedsel, nee, ze wil gewoon dat iedereen een eerlijke keuze heeft door duidelijke en onafhankelijk informatie over wat er in ons eten zit. Ze deed het geweldig in een grote nieuwsstudio tegenover 2 kritische volwassen mensen. Ze had zich duidelijk goed verdiept in de kwestie. Haar heldere visie kon ze helder verwoorden en ze pareerde schijnbaar moeiteloos de opvallend kritische vragen van de interviewers.

 

Rachel Parent, de 14-jarige activiste

Rachel Parent, de 14-jarige activiste

 

De verpletterende kwetsbaarheid van het kind

 

 

Hoe waardevol haar bijdrage aan de discussie rond genetisch gemodificeerd voedsel ook is, wat me tijdens het kijken van het filmpje vooral zo diep trof was iets anders: namelijk hoe verpletterend kwetsbaar kinderen in onze wereld eigenlijk zijn. Het meisje memoreerde terecht het simpele gegeven dat kinderen de toekomst zijn. En dat het vooral ook voor toekomstige generaties zo belangrijk is wat we nu besluiten over wat wel en niet in voedsel geoorloofd is.

 

Plotseling zag ik zo helder hoe pijnlijk de realiteit van het kind is: het moet het doen met wat wij volwassenen doen, niet doen, besluiten, niet besluiten, geven, niet geven, denken, niet denken, vinden, niet vinden, goed of niet goed achten enzovoort. Wij volwassenen bepalen, direct of indirect, bewust of onbewust, praktisch volledig de werkelijkheid van het kind. Het kind kan niets doen. Helemaal niets. Als wij niet stil staan bij wat onze overtuigingen, afwegingen en acties betekenen voor kinderen, dan staan wij er niet bij stil. Punt. Geen haan die er naar kraait. Het kind heeft geen stem, geen keuze, geen invloed.

 

Wat een shock was het om dit zo plotseling te zien! Niet eerder werd ik me zo diep gewaar van de gruwelijke waarheid hoe onbewust wij volwassenen eigenlijk zijn als het gaat om kinderen. Wij staan maar nauwelijks echt stil bij het feit dat onze manier van denken en doen niet alleen het nu maar ook de toekomst van onze kinderen bepaalt. En niet eerder werd ik me zo diep gewaar van de immense kwetsbaarheid van het kind. Het kind is volledig aan de volwassene overgeleverd. Volledig.

 

Als wij volwassenen om bepaalde redenen genetisch gemodificeerd voedsel toestaan, dan zal het kind genetisch gemodificeerd voedsel krijgen. Als wij volwassenen besluiten om bommen te gooien, dan horen onze kinderen die vallen. Als wij volwassenen besluiten om naar schaliegas te boren, dan wordt er naar schaliegas geboord, ook al is niet helemaal helder welke consequenties dat zal hebben voor toekomstige generaties. Als wij volwassenen gezinnen met betalingsachterstanden uit huis zetten, dan staan kinderen ineens op straat. Als wij volwassenen televisie maken vol geweld, ellende, lijken, bloedende slachtoffers, crisis, vervuiling, leugens, bedrog en strijd, dan is dat wat kinderen krijgen voorgeschoteld. Als wij volwassenen besluiten dat vaccinaties goed zijn, dan krijgen kinderen vaccinaties. Als wij volwassenen bepalen dat er schoolplicht is, dan gaat het kind iedere dag naar school. Als wij volwassenen denken dat het beter is om een baby op schema te voeden dan op verzoek dan ligt de baby met honger en zonder enig tijdsbesef te huilen tot het het maar opgeeft. Ik zou zo nog vele pagina`s kunnen volschrijven. Maar dat doe ik niet, ik ga ervan uit dat mijn punt helder is:

 

Het kind is zo vreselijk weerloos dat het bijna niet in woorden is te vatten.

 

Een beetje zelfreflectie

 

zelfreflectie

 

Het kind moet het doen met wat wij volwassenen bedacht hebben, vinden en doen. Als het belang van het kind daarbij geen enkele rol speelt dan speelt het belang geen rol. In Nederland hebben we wel een Partij voor de Dieren maar geen Partij voor de Kinderen. Het geeft te denken: staan kinderen nog lager op de ladder dan dieren? Ik ben bang van wel.

 

Want laten we eens even eerlijk reflecteren. Hoe bewust zijn wij eigenlijk van het belang van het kind? Weten we iets van prenatale zorg voor moeder, embryo en foetus? Wat weten we eigenlijk van de fysieke en emotionele behoeften van kinderen? Hoeveel hebben we ons verdiept in de belevingswereld van het kind? Hoeveel weten we van de ontwikkeling van het jonge brein, het hormonale systeem en het immuunsysteem? Hoe bewust zijn we van onze gigantische invloed daarop? Weten we telkens wat het beste is voor een kind? En als we het al weten, hoe vaak vormt dát dan echt de doorslag in onze keuzes? De waarheid is: we doen meestal eigenlijk maar wat. Dus zonder werkelijk bewust te zijn van de implicaties voor het kind.

 

De frase “kinderen zijn de toekomst” blijkt helaas nogal hol te zijn voor ons. We doen in ieder geval bijzonder weinig om die frase werkelijk betekenis te geven. In ons handelen blijken kinderen telkens het onderspit te delven. Uiteindelijk, als puntje bij paaltje komt, kiezen we niet voor wat goed is voor het kind, maar voor onze eigen belangen. Meestal gaat dat niet eens bewust, we weten gewoon niet beter. Al zeggen we nog zoveel van onze kinderen te houden, ze staan er vaak helemaal alleen voor als het er op aankomt. Onze keuzes zijn echt akelig weinig op hen afgestemd. Het is een observatie, geen oordeel. Straks meer over dit fenomeen, want het laat zich gelukkig verklaren. Eerst wil ik graag nog iets anders laten zien.

 

Schrijnende dubbele ironie

 

 

Kinderen hebben de toekomst…. Tja. Waar. Zo waar. Toch zal slechts zelden een waarheid zo weinig aanhangers hebben gehad. Kinderen lijken wel een soort blinde vlek voor ons. Misschien zijn ze wel onze allergrootste blinde vlek. Maar het leed dat we zo veroorzaken is onvoorstelbaar groot. Het is mijn diepste wens dat we hiervan massaal doordrongen raken. Natuurlijk in de eerste plaats voor onze kinderen zelf maar als niet onbelangrijke tweede zullen ook wij volwassenen daarvan de vruchten plukken. Laat ik me nader verklaren.

 

Velen van ons zijn inmiddels doordrongen aan het raken van het feit dat het met de wereld, ver weg en dichtbij, niet goed gaat. Vele misstanden komen aan het licht en systemen falen. We beginnen te zien dat het op vele fronten anders zou moeten en dat we nieuwe oplossingen nodig hebben. Het is een kleine groep nog, die het ziet, maar wel een die groeiende is. Er is ook al vanalles gaande aan initiatieven die het “anders” aanpakken. Op zich hoopvol maar helaas is bij geen enkel initiatief het kind nadrukkelijk het onderwerp, laat staan betrokken.

 

Wat is het toch jammer dat we niet stilstaan bij de mogelijkheid om de oplossingen voor de problemen waarmee we ons geconfronteerd zien uit onze kinderen te laten komen. Wij volwassenen hebben generatie na generatie voor de problemen gezorgd, ze in stand gehouden, doen verergeren en laten toenemen. We zouden open kunnen staan voor de gedachte dat kinderen misschien wel met betere, creatievere en effectievere oplossingen komen dan volwassenen (is al meerdere malen aangetoond overigens). Maar we doen liever onze uiterste best om onze kinderen zo goed mogelijk voor te bereiden op de maatschappij waar ze “later” in terecht komen. We willen ze zo goed mogelijk “afleveren”. Hier zit een schrijnende dubbele ironie in vervat:

 

1.
We zien kinderen kennelijk niet NU al als een onderdeel van de maatschappij… We zien ze als een soort onvolwaardig aanhangsel dat nog niets kan. Als een tweederangs, onaangepast wezen dat vaak lastig is en dom en van wie we de mening niet serieus hoeven te nemen. Het gaat om “later als ze groot zijn”. Heel onterecht. Want bakken vol potentie gooien we overboord. Maar daarnaast is het ook vooral heel tragisch voor de kinderen zelf. Want we zien ze niet voor vol aan, alsof ze nog maar half “af” zijn. We zien ze niet als complete individuen die nu leven. We jagen ze op en perken ze in tot ze voldoen aan wat “we” van ze verwachten. We slaan daarmee veel te weinig acht op wie ze nu zijn en wat ze nu nodig hebben. Zo verwoordt Stacia Tauscher het: “We worry about what a child will become tomorrow, yet we forget that he is someone t
oday.”

 

2.
Alsof dit nog niet schrijnend genoeg is hebben we nog een tweede ironie te begrijpen. En dat is deze: al onze energie is erop gericht onze kinderen klaar te stomen voor een systeem dat de problemen juist veroorzaakt, in stand houdt, doet verergeren en laat toenemen! Sta hier eens even bij stil. Hoe ironisch is dat? We helpen iedere positieve verandering bij voorbaat al om zeep omdat we bezig zijn kinderen te vormen naar de eisen van een destructief systeem.

 

Dit is hoe Vladimir Megre het in De Ruimte van Liefde – Anastasia reeks, Deel 3 verwoordt: Alle ouders willen hunkinderen graag gelukkig zien, maar als ze groot zijn, worden ze toch net als iedereen: niet bijster gelukkig. Denk eens na, hoe zou jouw zoon gelukkig kunnen worden, als jij hem in hetzelfde systeem probeert te persen dat bij zoveel anderen niet tot geluk heeft geleid?”

 

Geen wonder dat we er met de wereld niet op vooruit gaan. We vormen onze kinderen collectief naar de standaard van de maatschappij waarin wij leven en wij zijn weer gevormd naar de standaard van de maatschappij waarin onze ouders leefden enzovoort enzovoort. Hoe kan er zo ooit iets veranderen?

 

We móéten dit gaan inzien. We móéten gaan begrijpen in wat voor cirkeltje we ronddraaien.

 

Hoe we kunnen beginnen?

 

 

In plaats van onze kinderen te drillen tot ze passen in de huidige maatschappij moeten we het kind juist beschermen tegen de normen, waarden en systemen ervan. We moeten het perspectief veranderen: niet uitgaan van de standaard van onze wereld maar uitgaan van het kind en wat het nodig heeft. Nu we weten hoe verpletterend kwetsbaar kinderen zijn, weten we ook hoe belangrijk het is dat we ze beschermen. We moeten hun zuiverheid zien te behouden in plaats van ze te bederven met de systemen en structuren die ons hebben gebracht waar we nu zijn. We moeten durven ze vrij te laten om de toekomst naar hún inzichten vorm te geven.

 

Daarvoor is heel veel moed nodig. We zullen namelijk een hele hoop vastgeroeste ideeën en overtuigingen moeten loslaten en we zullen ons hart moeten openen. Einstein zei terecht: we kunnen problemen niet oplossen met hetzelfde niveau van bewustzijn dat ze heeft veroorzaakt. We doen er dus niet goed aan als we proberen onze kinderen ons niveau van bewustzijn bij te brengen. Als we aan de slag gaan met onderstaande 2 stappen zullen we maar al te snel tot de ontdekking komen dat kinderen een bewustzijnskracht in zich hebben die ons voorstellingsvermogen te boven gaat. De 14-jarige activiste liet dat ook prachtig zien. En er zijn veel meer voorbeelden te vinden, ver weg en dichtbij! Kinderen zijn creatief, spontaan, eerlijk, ze hebben lef en denken vrijuit, zonder beperkingen. Dat is precies wat we nu nodig hebben!

 

durven dóén!

durven dóén!

 

Aan de slag dus. Om te beginnen moeten we bereid zijn ons volle licht te laten schijnen op deze grootse blinde vlek: kinderen. Zonder die bereidheid is de kans op succes erg klein. Het is vervolgens noodzakelijk dat we volledig bewust worden van wat een kind nodig heeft en waarom, vanaf de conceptie. Daar komen 2 belangrijke stappen bij kijken:

 

  1. We zullen ons moeten verdiepen in de werkelijke behoeften en belevingswereld van het kind en in de aangetoonde psychologische en emotionele langetermijngevolgen van iedere keer dat we als volwassene niet tegemoet komen aan de werkelijke behoefte die het nu heeft. Pas als we hiervan kennis hebben, kunnen we gaan proberen in het hier en nu adequaat in te spelen op hun behoeften.
  2. We zullen bereid moeten zijn te onderzoeken welke psychologische en emotionele gevolgen we zelf met ons meedragen als gevolg van onze eigen jeugd waarin lang niet altijd onze werkelijke behoeften werden vervuld. Als we deze stap niet zetten, dan zal stap 1 per definitie in het hier en nu met een kind een blinde vlek blijven.

 

In stap 2 ligt de verklaring besloten van het eerder beschreven fenomeen dat onze keuzes zo akelig weinig op kinderen zijn afgestemd. We zijn zelf ooit kind geweest en hebben zelf dus ook te kampen met de psychologische en emotionele langetermijngevolgen van iedere keer dat onze ouders of verzorgers ons niet gaven wat we werkelijk nodig hadden. Wat we zelf niet hebben gekregen blijft per definitie een blinde vlek voor ons als we zelf met kinderen omgaan. Het meeste van ons denken, voelen en doen als het gaat om kinderen wordt onbewust aangestuurd. Daarom weten we vaak niet eens beter en ‘doen we maar wat’. Dat is het slechte nieuws. Het goede nieuws is dat we ons hiervan bewust kunnen worden en dat we ons zodoende uit de greep van het onbewuste kunnen bevrijden.

 

Goed, 2 stappen dus. Dat valt toch mee als je bedenkt dat daarmee een fundamentele doorbraak kan worden gerealiseerd in onze huidige wereld. Ik geef toe dat het niet de meest eenvoudige 2 stappen zijn, maar ze zullen oneindig veel minder energie kosten dan onze verwoede pogingen een betere wereld te krijgen zonder onze kinderen te betrekken en ze de ruimte te geven.

 

Laten we hieraan beginnen. Laten we onze kinderen NU zien en horen. Laten we onze liefde voor hen omzetten in bewuste actie. Laten we hun ons vertrouwen geven en alle ruimte om het anders te doen. Laten we onze kinderen eren, om de simpele reden dat ze een nieuwe toekomst in zich dragen.

 

lachende jongetjes

omarming

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Meer info:

http://www.pastrealityintegration.com/


www.kindessence.nl

 

 

Nog een paar quotes die aanhaken op het hiervoor beschrevene

 

“The biggest atrocity of all is to indoctrinate our children into a system that does not value their creative expression, nor encourage their unique abilities.” -Benjamin Greene

 

Our eduction system

 

“School is the advertising agency which makes you believe that you need the society as it is.” -Ivan Illich

 

“When Students cheat on exams it’s because our School System values grades more than Students value learning.” -Neil deGrasse Tyson

 

“The aim of public education is not to spread enlightenment at all; it is simply to reduce as many individuals as possible to the same safe level, to breed a standard citizenry, to put down dissent and originality.” -H.L. Mencken –

 

See more at: http://www.knowledgeoftoday.org/2013/01/what-does-school-really-teach-children.html#sthash.WCEzL0rG.dpuf

Geplaatst in Uncategorized | 2 reacties

Achter het pesten

 

Inleiding

Pesten is een thema van alle tijden. Zo nu en dan wordt het weer actueel doordat een ernstig voorval in de media wordt uitgelicht. Allerlei campagnes en acties worden gestart om pesten tegen te gaan. Maar toch blijft pesten van alle tijden. Is er dan niets aan te doen?Toch wel, maar ik denk dat het een opgave van de lange adem is.

Vanuit het gedachtegoed van Ingeborg Bosch, Past Reality Integration (PRI), is pesten een veel minder ongrijpbaar fenomeen dat het misschien wel lijkt te zijn. In dit artikel zal ik hier op ingaan.

Herkomst pestgedrag

Waar komt pesten vandaan? Waarom pesten kinderen? Zijn sommige kinderen gewoon slecht? Nee, dat zijn ze – gelukkig – niet!

Pesten is gedrag dat verband houdt met een van de overlevingsmechanismen die een kind inzet om de waarheid te ontkennen dat het niet krijgt wat het nodig heeft.
Niet krijgen wat je nodig hebt is, in de belevingswereld van een kind, een zeer verpletterende, letterlijk levensbedreigende ervaring. Dat zit zo: een kind is helemaal afhankelijk van zijn ouders, het heeft geen keuzemogelijkheid én geen (goed ontwikkeld) tijdsbesef. Probeer je dit eens voor te stellen… Deze 3 elementen van de belevingswereld van het kind maken dat niet krijgen wat je nodig hebt een vreselijke ervaring is. Zo vreselijk dat je haar niet tot je bewustzijn kunt laten doordringen.

Ons aangeboren psychisch afweersysteem zorgt ervoor dat we die ervaringen wegstoppen in een apart deel van ons bewustzijn. We kunnen zo zelfs ontkennen dat ze gebeurd zijn. We herinneren ze ons vaak ook echt niet meer. Het psychisch afweersysteem creëert vervolgens illusies waarin we heilig gaan geloven. We geloven daarin omdat de echte waarheid (namelijk dat je niet krijgt wat je nodig hebt) te verpletterend is. Zo’n illusie is bijvoorbeeld dat we alsnog zouden kunnen krijgen wat we nodig hebben, als de ander maar verandert. We gaan ons ongeluk dan projecteren op de ander. Pesten, treiteren, kleineren, je superieur voelen aan een ander, gewelddadig worden, etc., het is allemaal een voortvloeisel hiervan. Dit gedrag is, met andere woorden, niet natuurlijk. De bron ervan is namelijk niet de kern van het kind (zijn ware zelf), maar zijn ontwikkelde overlevingsmechanisme als gevolg van het (misschien wel stelselmatig) niet krijgen wat het nodig heeft. Het slechte nieuws is dus: het kind pest. Hoe goede nieuws is: het is niet intrinsiek slecht.

Het onschuldige kind

Omdat wijzelf als kind ook lang niet altijd kregen wat we nodig hadden, voeden we onze kinderen op onze beurt op zonder volledig te beseffen wat hun natuurlijke behoeften eigenlijk zijn. We negeren die dan ook vaker dan goed voor ze is, hoezeer we ons best ook doen. Het zijn blinde vlekken voor ons. We zien ze dus niet eens.

Voor het kind is dit heel pijnlijk. Het moet allerlei overlevingsmechanismen inzetten om de realiteit weg te stoppen dat hij moet opgroeien bij ouders die vaak niet in staat zijn het te geven wat het nodig heeft. Daar heeft hijzelf last van maar ook zijn omgeving. En helemaal als het later volwassen is geworden. Dan zijn de overlevingsmechanismen namelijk achterhaald geworden. Het kind heeft de mechanismen nodig voor zijn overleving, de volwassene niet meer. Een volwassene is namelijk niet meer afhankelijk van zijn ouders voor zijn overleving, het heeft wél een keuzemogelijkheid en wél een besef van tijd. Alleen, door de wijze waarop onze hersenen werken, blijven de overlevingsmechanismen toch actief. En daar hebben we eigenlijk alleen maar last van.

Kijk maar om je heen. We moeten echt niet denken dat pesten alleen een probleem van kinderen is. Ook volwassenen pesten!

Pesten is dus een overlevingsmechanisme, hoe raar het ook klinkt. Het kind gaat pesten omdat de wereld heel bedreigend voor hem is. Hij heeft geleerd dat hij anderen kleiner kan maken waardoor zij geen gevaar meer voor hem zijn. Het is een manier om een bepaald gevoel van controle te behouden over zijn omgeving. Het is zeer waarschijnlijk dat het kind thuis dit gevoel van controle vaak mist. Ook is de kans groot dat het thuis met de nodige regelmaat niet gerespecteerd wordt, en misschien zelfs vernederd of gekleineerd wordt (hoe subtiel of plagerig ook).
Het kan ook zijn dat het juist teveel aan z’n lot wordt overgelaten, of dat het geen enkele steun krijgt en dat het vrijwel niet wordt gezien of gehoord in zijn behoeften.

In mijn optiek is het kind altijd onschuldig. Ook het pestende kind is dat dus. Het gedrag dat hij laat zien is daarmee niet per se goedgepraat. Het betekent dat we moeten kijken naar dieperliggende oorzaken van het gedrag. Pesten is niet natuurlijk, het zegt iets over dieperliggende problemen bij het kind. Het is namelijk van zijn natuur afgedwaald. Dat heeft het slechts moeten doen om zich te beschermen omdat het opgroeit in een omgeving waarin zijn behoeften worden ontkend.

De rol van de volwassene

Wij volwassenen moeten dus naar onszelf kijken wanneer het onderwerp pesten aan de orde is. Want wij zijn kennelijk niet in staat (geweest) de behoeften van het kind te zien, te erkennen en te vervullen. Hoe bewust zijn we van de behoeften van het kind? Hoe vaak geven we het wat het nodig heeft? Hoe respectvol zijn we zelf naar onze kinderen? Hoe vaak geven wij het goede voorbeeld aan onze kinderen? Met andere woorden: hoe veilig maken wij de omgeving voor onze kinderen, zodat ze maar weinig beschermingsmechanismen nodig hebben?
Zolang we ons eigen onverwerkte verleden niet onder ogen komen, zullen we niet in staat zijn de behoeften van het kind goed aan te voelen. Dan blijven het blinde vlekken voor ons en de wereld blijft zo onveilig voor het kind. Het zal moeten opgroeien terwijl zijn ouders meestal niet weten wat het nodig heeft. Hoe bedreigend is dat? Heel bedreigend en net zo bedreigend als onze eigen jeugd voor ons is geweest.

De PRI-methode is een zeer effectieve en praktische manier om het eigen onverwerkte verleden te ontrafelen. We ontmantelen zo de destructieve overlevingsmechanismen die we nog steeds onbewust inzetten en waardoor we vaak het echte contact met het kind kwijt raken. We bekijken het dan door de bril van ons verleden in plaats van het te zien zoals het werkelijk is: klein, puur, afhankelijk, en met hele grote behoeften.

Pestgedrag zal niet zomaar ophouden. Een overlevingsmechanisme geeft zich namelijk niet zomaar gewonnen. Straffen heeft in ieder geval geen zin. Door te straffen bereik je juist dat een kind nog meer zijn overlevingsmechanismen nodig heeft.
Het inzetten van pestgedrag is voor het kind een onbewust mechanisme, het kiest er niet bewust voor. Het stoppen met pesten moet uit hemzelf komen en niet omdat de omgeving hem daartoe (ernstig) onder druk zet. De beste manier om het uit hemzelf te laten komen is door als volwassenen anders met hem om te gaan. Creëer een veilig klimaat. Dat kunnen we doen door aan onszelf te werken en zo te leren hoe we zijn behoeften volledig kunnen zien en erkennen en zoveel mogelijk kunnen vervullen. Daardoor zal het zich langzaam veilig gaan voelen en leren dat het zichzelf niet hoeft te beschermen door anderen te pesten.

Dit is, zoals ik al zei, een opgave van de lange adem. Maar wel een die het probleem bij de wortel aanpakt, iets dat de vele goedbedoelde campagnes en acties nog niet is gelukt.

Overigens, volwassenen kunnen een pestend kind natuurlijk niet zijn gang laten gaan terwijl we aan onszelf aan het werken zijn. Sturend ingrijpen is absoluut nodig wanneer een kind pest. De (emotionele) gezondheid en veiligheid van het slachtoffer zijn namelijk in het geding en er kan ook schade veroorzaakt worden. Maar we kunnen proberen ons ingrijpen te laten gebeuren in verbinding met ons hart, dus met oog voor wat er écht aan de hand is in het hier en nu, bij zowel ‘dader’ als ‘slachtoffer’.

Een nieuwe visie op het kind

Sinds ik de opleiding tot PRI-therapeut ben begonnen begint het besef pas echt helemaal tot me door te dringen hoezeer wij onze kinderen geweld aan doen. We zien ze vaak niet als volwaardige mensen. Maar ze zijn zo kwetsbaar en afhankelijk en tegelijk zo puur en waarachtig, dat we ze met de grootst mogelijk zorg zouden moeten benaderen. We zouden alles moeten willen weten van de behoeften en belevingswereld van het kind. Van de invloeden van fysiek en emotioneel geweld op hun ontwikkeling. We zouden ze alle ruimte moeten geven hun passies en talenten te laten ontdekken. We zouden er alles aan moeten doen om ze het contact met hun innerlijk weten te laten behouden. Dat kunnen we zeker realiseren maar we zijn zelf vaak het contact met ons innerlijk weten kwijt door de gevolgen van onze jeugd en de onverwerkte trauma`s daarin.

Het is zo’n sterke vicieuze cirkel waar we in zitten. En het is zo moeilijk om te erkennen dat we onze kinderen dat geweld aandoen omdat we daarmee moeten erkennen dat we zelf rondlopen met een enorme hoeveelheid onverwerkte pijn uit onze eigen jeugd. Die pijn willen we liever niet aangaan. Begrijpelijk, maar zo blijven we wel in die negatieve spiraal. Toch is de enige manier om er uit te komen door het proces met jezelf te beginnen. En zo eng als het lijkt is het helemaal niet. We hebben onze jeugd namelijk overleefd, het is voorbij en we zijn er nog! Het is onze afweer die ons in de greep houdt en ons laat denken dat het gevaarlijk is om ons onverwerkte verleden te onderzoeken. Er is echter niets om bang voor te zijn. Het is deze angst die werkelijke heling en daarmee een werkelijke doorbraak in de opvoeding van onze kinderen in de weg staat.

Laatst kreeg ik de volgende gedachte:

“Kinderen hebben de toekomst maar wat doen we? We geven ze ons verleden.”

Een kind kan alleen geven wat het krijgt, dus laten we ermee ophouden hen te belasten met ons verleden.

Geplaatst in Uncategorized | 3 reacties

6 redenen om nooit meer te stemmen (en over wat dan wél te doen)

‘If voting changed anything, they`d make it illegal”
Emma Goldman

 

Inleiding

 

Na iedere verkiezingen zitten we met hetzelfde verhaal: de zetelverdeling is bepaald en dat was het dan weer. Klaar met onze ‘invloed’. We mogen weer allemaal langs de zijlijn plaatsnemen. Om te kijken naar……ja, waarnaar eigenlijk? Invloed hebben we in ieder geval niet meer.  Niet op wat er gebeurt, niet op wat er geagendeerd wordt, laat staan op wat er besloten wordt.

 

In dit artikel ga ik in op de illusie van de politiek. Alvast een waarschuwing vooraf: er bestaat een kans dat je na het lezen nooit meer gaat stemmen. Na De Onzichtbare Hand en Laat je Stem horen, Stem dus niet! wilde ik eigenlijk niet nóg een keer over schrijven over de politiek. Maar er ontbrak nog iets heel belangrijks, namelijk een concreet alternatief voor niet stemmen. Daarom kom ik in deze blog met een antwoord waar je wat aan hebt. Zo kan je de verkiezingen voortaan met een gerust hart aan je voorbij laten gaan.

 

Een gerust hart is belangrijk. De prangende vraag (“wat moeten we dan?”) dringt zich altijd op als je tot de conclusie komt dat stemmen zinloos is. Het leidt tot zoveel hoofdbrekens dat velen, bij gebreke van een bevredigend antwoord, maar niettemin heel paradoxaal, uiteindelijk toch maar stemmen.
De redenering is dan meestal dat niet stemmen ook niks oplost. Maar het is omgekeerd: stemmen lost juist niks op. Maar ik pleit niet voor zomaar niet stemmen. Ik heb het over bewust niet stemmen. Na de volgende 6 redenen om nooit meer te stemmen, licht ik het toe.

 

democrat republican awake

 

1. De redenen om wel te gaan te stemmen zijn niet valide.

 

Toelichting: zie mijn vorige artikel over de mythes omtrent stemmen. Ik heb ze doorgeprikt. Geen mens is in staat ze weer recht te breien. We geloven in de mythes omdat we ons onvoldoende hebben verdiept in de materie, in hoe het werkt. Lees alsjeblieft de mythes + de ontkrachting ervan nog eens door.

 

2. De politiek is met vanalles en nog wat bezig maar niet – beter: nooit – met de kernvragen.

 

Toelichting: In de kern blijft alles bij hetzelfde. Links of rechts of wat dan ook gaat regeren, het maakt niet uit. Alle poeha/circus/show gaat over symptomen van symptomen. Ze lijken ontzettend belangrijk maar ze zijn het niet écht.  Daar waar het over zou moeten gaan, de kernvragen, daar houdt niemand in de politiek zich mee bezig, gek genoeg.
Wat zijn dan de kernvragen? Een paar voorbeelden:

 

  • Waarom houden we een economisch systeem in stand dat intrinsiek leidt tot schaarste, armoede, strijd en ellende?
  • Waarom focust gezondheidszorg niet op de oorzaak van ziekte? Waarom accepteren we dit systeem dat zelf niet is gebaat bij onze gezondheid?
  • Waarom vervuilen we onze planeet met onze industrie en transportmiddelen terwijl dat helemaal niet hoeft?
  • Waarom zijn er gewelddadige conflicten en gooien we bommen waarbij mensen sterven?
  • Waarom is er nog steeds armoede in grote delen van de wereld?
  • Waarom is onderwijs niet vrij?
  • Waarom zijn de media niet onafhankelijk?
  • Waarom beschikken we niet over voedsel zonder schadelijke additieven?
  • Waarom geven we onze kinderen niet wat ze nodig hebben?
  • Waarom geven we onze ouderen niet wat ze nodig hebben?
  • Etc.

 

Om 1 schrijnend voorbeeld er nog even uit te lichten:

 

Hoe bestaat het..???

Hoe bestaat het..???

 

En wat doen onze politici hieraan? Zij zijn toch juist in de positie om aan dit soort waanzin onmiddellijk een einde te maken. Of misschien zijn ze dat toch niet…?

 

3. De politiek heeft de macht helemaal niet.

 

Precies!

 

Toelichting: de macht zit achter de schermen van de politiek. Achter de schermen zitten de bankierfamilies, de grote corporaties, de koninklijke families, de geheime genootschappen, de Bilderberg-conferenties, de Trilaterale Commissie, de Club van Rome, de andere clubjes van The Round Table. En vergeet alle ‘G8/G20/G-nog wat’-besprekingen niet. Déze netwerken bepalen wat er gebeurt in de wereld en zorgen dat wij ons met symptomen bezighouden in plaats van met de kern. Niet die 150 ‘volksvertegenwoordigers’ in Den Haag (zie volgende punt). “Brussel” bepaalt het ook niet werkelijk trouwens en daarvan vinden we al dat het democratisch gehalte zo laag is.

 

Maar goed, de vraag is dus: waar stem je eigenlijk op? Een poppenkast. Bijna letterlijk als je bedenkt dat onze politici de puppets zijn in de handen van de elite. We kijken naar een theaterstuk. Nee, we doen er zelfs aan mee door te stemmen en politiek actief te zijn en erover te discussiëren en ertegen te demonstreren! Keken we er maar naar, dan zouden we zien hoe groot het bedrog was! Al dat theater leidt alleen maar af. Van de waarheid dat er nog steeds oorlogen zijn, dat er nog steeds armoede is, dat voedsel ons zieker maakt en de gezondheidszorg ons niet gezond, dat onze planeet steeds meer vervuild raakt, dat de media afhankelijk zijn, vrije energie niet beschikbaar is, etc.

 

Sta eens stil bij deze 2 vragen:

Als de politiek echt macht had, dan kon het deze problemen toch zonder al te veel moeite oplossen? En als democratie echt betekenis had, dan konden wij de politiek daartoe toch heel gemakkelijk dwingen?

 

4. Volksvertegenwoordigers bestaan niet.

 

Toelichting: die 150 mensen dragen die naam wel maar als je gaat kijken vertegenwoordigen ze:
1. zichzelf (eigen belangen),
2. hun partij (partijbelangen),
3. de sterkste lobby (financiële belangen).

 

‘Het volk’ staat dus in ieder geval niet in de top drie.

 

Politiek gaat in wezen over geld en de verdeling ervan. Volksvertegenwoordigers vertegenwoordigen het volk niet, maar (vooral financiële) belangen. En vooral niet die van jou. Hoe kunnen ze ook? En waarom zouden ze ook? 150 mensen moeten bijna 17 miljoen burgers vertegenwoordigen? Jouw privébelangen zijn totaal oninteressant voor een politicus. Het gaat om de miljarden van de banken, de wapenindustrie, de farmaceutische industrie, de voedingsindustrie etc. Daar je oor laten hangen biedt uiteindelijk meer zekerheid voor je toekomst als politicus. Geen wonder dus ook dat conflicten voortbestaan en niet allang uit de wereld zijn verdreven door de heren en dames politici. Geen wonder dus ook dat de politiek niet allang een oplossing heeft geregeld voor bijvoorbeeld de bizarre situatie die Wendell Berry in de quote hierboven blootlegt. Geen wonder dat de kernvragen, zoals onder 2 opgesomd, niet gesteld worden.

 

Kijk ook maar eens naar hoe politici komen bovendrijven. Ik vraag me altijd weer af hoe die gezichten er ineens zijn. Hebben ze bewezen zo goed te zijn in het volk te vertegenwoordigen? Of hebben ze eerder een enorm flink ego en hebben ze zich binnen hun partij keurig omhoog gewerkt? Altijd is het het laatste.

 

Helaas is het woord volksvertegenwoordiger zo ingebakken dat we uit het oog zijn verloren wat ze echt doen.

 

5. Politiek is geen instrument van het volk om een goede samenleving te creëren maar van de elite om ons af te leiden.

 

Toelichting: we denken dat we invloed hebben door te stemmen maar dat is niet zo. Als gezegd: “Den Haag”  heeft geen invloed, zelfs Brussel heeft dat niet werkelijk. We stemmen dus op een grote illusie. De invloed van onze stem rijkt niet verder dan de zetelverdeling. That`s it! Wat er daarna gebeurt is in feite weer volledig in handen van de elite achter de schermen. Ja, de politiek mag zich buigen over symptomen van symptomen. En dat doet het met veel bravoure. Maar het zal zich verre houden van de kernvragen. Het is lastig om zo een goede samenleving te creëren. En dat zien we dan ook om ons heen. Als het al een instrument was om een goede samenleving te creëren, dan faalt het compleet. Dit kunnen we onmogelijk in verband brengen met dat heilige woord ‘democratie’.

 

Het is eigenlijk ongelooflijk dat we zo massaal geloven in ‘de democratie’  als het dat overduidelijk niet is.
Kennelijk hebben we zoveel zand in onze ogen. Maar o ja, dat is waar ook: de democratie is precies bedoeld om ons zand in de ogen te strooien! Een rookgordijn is het. Een kolossale afleidingsmanoeuvre van wat er werkelijk aan de hand is. En het werkt: we kijken massaal in de verkeerde richting. Zie mijn vorige artikel ter verdere onderbouwing.

 

 

6. Politiek vloeit direct voort uit het principe “verdeel en heers”.

 

Dát is de essentie van de politiek: het volk verdelen. En door alle strijd, discussie en commotie ziet het volk niet meer dat er een stille kracht achter de schermen gewoon doorgaat op dezelfde koers. We zijn te druk met elkaar bevechten. Over de symptomen dus ook nog, niet eens over de kernvragen.

 

Het is belangrijk dat we dit niet langer voeden. En dus nooit meer gaan stemmen. Met jouw stem versterk je verder de afgescheidenheid van elkaar. Hoe meer mensen gaan inzien wat er werkelijk speelt, hoe meer mensen de energie op verbinding kunnen richten en niet op de verdeling die de politiek nastreeft.

 

We mogen de politiek met een gerust hart laten zijn voor wat het is: een systeem dat niet dient, nooit heeft gediend en nooit zal dienen. En er vervolgens geen enkele aandacht meer aan besteden. Dus ook niet van binnenuit gaan proberen te veranderen want het is al een lege huls. En ook niet demonstreren, want “what you fight, you become”. Gewoon,  geen aandacht. Er is zoveel mooiers dat je aandacht wél verdient, waarover zometeen meer.

 

Oké, en wat nu…?

 

We zijn op een belangrijk punt aangekomen. De 6 punten om nooit meer te stemmen zijn besproken. Misschien voel je nu ook: ja, stemmen heeft inderdaad geen zin. Of misschien was je daar allang van overtuigd. Het gaat erom dat je echt van binnen kan voelen: stemmen heeft geen zin. Het is namelijk een point of no return.

 

Ga voor jezelf nu na welke van de volgende 3 mogelijkheden op jou van toepassing is:

* Je voelt van binnen dat stemmen geen zin heeft en kan met 100% overgave besluiten nooit meer te stemmen. Is dit het geval, dan is de blog klaar voor je.

* Je hebt nog twijfels en denkt dat stemmen wel degelijk zin kan hebben. Ook dan is de blog klaar voor je. Ga dan stemmen.

* Je hebt er weliswaar geen twijfels meer over maar je hoofd slaat op hol. “Ja maar, hoe moet het dan? En wat gaat er dan gebeuren? Die politiek gaat toch wel door als ik niet stem. Dit heeft alleen maar zin als we het massaal doen en dat gaat toch niet gebeuren”. Enzovoort. Je schrikt van de gedachte “ik ga dus nooit meer stemmen….”. Je voelt een angst om de daad bij het woord te voegen. En je gaat misschien toch weer twijfelen. Val je onder deze categorie, lees dan nog even door.

 

Het is echt belangrijk de laatste 2 niet met elkaar te verwarren. Kijk dus nog even goed. Bij de laatste heb je intern een cruciale stap gezet waardoor je eigenlijk niet meer terug kan. Je hebt gewoon gezien en gevoeld: “stemmen heeft geen zin. Politiek is een illusie”. Je kunt alleen de gevolgen niet overzien, je schrikt ervan, waardoor je misschien weer gaat twijfelen. Bij de tweede categorie heb je die interne stap nog niet gezet. Daar denk je nog: “nee, mijn stem heeft wel invloed”.

 

Verwar de angst om nooit meer te stemmen niet met twijfelen over het nut van stemmen. Je kan niet eerst vol overgave zeggen: “inderdaad, stemmen heeft geen zin”, en vervolgens toch gaan stemmen. Zo`n innerlijke tegenstrijdigheid kan nooit uit gezond verstand voortvloeien. Alleen als je denkt dat stemmen zin kan hebben, ga je stemmen.

 

De rest van dit artikel gaat over die innerlijke tegenstrijdigheid –  die nog vaak voorkomt – en over hoe ermee om te gaan.

 

Een vrije keuze bestaat niet als je bang bent.

 

Veel mensen komen tot de conclusie dat stemmen geen zin heeft maar ze zijn bang om daadwerkelijk niet te gaan stemmen. Er ontstaat paniek in de hoofden en vandaaruit gaan ze toch stemmen. Ze zeggen: “ja, en hoe moet het dan? Wat lost niet stemmen op? Dan stemmen alleen die onbewuste burgers en wordt het alleen maar nog erger”. Ze gaan weer twijfelen. In al deze reacties en in deze twijfels zit een diepe angst verstopt. Angst om te staan voor je zelf. Angst om echt verantwoordelijkheid te nemen voor je innerlijke wereld.  Angst voor overgave aan het onbekende, aan het leven zelf.

 

Dit is echt cruciaal. Want dit gaat uiteindelijk over vrije keuze. Vrije keuze komt namelijk van 2 kanten: van buiten en van binnen.
1. Krijgen we een werkelijk vrije keuze van buitenaf?
2. En als dat al zo zou zijn, is jouw keuze vervolgens van binnenuit helemaal vrij gemaakt?

 

Helaas is in onze schijndemocratie de keuze van buitenaf, zoals ik heb laten zien, al niet vrij:

 

illusion-of-free-choice

 

Maar even belangrijk is de vraag hoe vrij je keuze uiteindelijk van binnenuit is. Als je drijfveer de angst is, is je keuze allesbehalve vrij. Angst verkrampt, stresshormonen gaan door je lijf en je waarneming vernauwt erdoor. Onbewuste patronen nemen het over. Toch maar gaan stemmen vanuit angst is dus nooit vrij. In feite ben je – al dan niet bewust – aan het recht lullen wat krom is. Dit is wat ze in de psychologie ‘cognitieve dissonantie’ noemen. Belangrijk fenomeen om door te krijgen bij jezelf. Het is namelijk een universele wetmatigheid dat je vanuit angst altijd precies creëert waar je bang voor bent. Laat dit alsjeblieft goed tot je doordringen als je jezelf net schaarde onder categorie drie!

 

Bewust niet stemmen

 

Ik had het in de inleiding ook al over bewust  niet stemmen. Dat is wezenlijk wat anders dat uit protest niet stemmen, of uit onverschilligheid. Bewust niet stemmen is een keuze voorbij de angst, vanuit een innerlijke vrijheid. Door bewust niet te stemmen voed je niet langer een leugenachtig, niet dienend, illusoir mechanisme. Voeden bedoel ik energetisch. Je energetisch losmaken van een niet dienend systeem bevrijdt je ervan. En het maakt tegelijkertijd de kracht van dat systeem minder sterk. Dat heeft jouw energie, jouw stem, jouw protest, jouw geloof erin namelijk nodig om te bestaan.

 

Exact!

Exact!

 

Je kunt onze blinde overgave aan de politiek ook vergelijken met een schapenkudde: de herder en de hond hebben precies zoveel macht als ze krijgen van de schapen.

Als alle schapen in de kudde gewoon hun eigen gang zouden gaan, zouden de herder en z`n hond het snel moeten opgeven. Maar de schapen zijn bang en luisteren voor de zekerheid maar naar de blaf en de glimmende tanden van de hond. Al zou maar een deeltje van de kudde besluiten om de macht van de herder en de hond ter discussie te stellen dan zouden ze heel snel inzien dat die hond en die herder helemaal niks te vertellen hebben over ze. Die hond zet het echt op een rennen als zelfs maar 10 schapen achter hem aan gaan. De schapen zullen ontdekken dat ze niet afhankelijk zijn voor hun overleving van de herder en de hond. Ze zullen ontdekken dat ze zelf ook weiden kunnen vinden en begrazen en dat die eventuele wolf hun, als ze samenwerken, niet kan pakken.

 

Maar het is dus de angst die de schapen belet in vrijheid te leven.

 

Als we leren onze keuzes steeds minder op angst te baseren zal de samenleving vanzelf gevormd worden door structuren die daarbij passen. Het is juist onze collectieve angst die maakt dat we een farce als de politiek maar blijven accepteren.

 

We zijn bang voor chaos, terreur, macht van de sterkste, dood en verderf als we ons politieke systeem zouden opgeven. Maar moet je eens kijken waar we zijn mét ons politieke systeem: een wereld vol chaos, terreur, macht van de sterkste, dood en verderf.
Het kan (en moet) echt anders. Stop in ieder geval met nog langer recht lullen wat krom is en hou op nog langer de politiek jouw energie te geven.

 

Bewust niet stemmen is namelijk buitengewoon effectief, juist op het meest fundamentele niveau.

 

Alles is energie, dat ontdekken nu ook de wetenschappers. Zelfs gedachten en emoties hebben een trilling. Angst trilt (veeeeel!) lager dan liefde. Leugen (veeeeel!) lager dan waarheid. En wij kunnen onze trilling verhogen. Als de collectieve trilling hoog genoeg is kunnen de op lagere trilling bestaande systemen (zoals de van leugen doordrenkte politiek) simpelweg niet bestaan. Zo werkt dat met energie. Nieuwe, bij die hogere energie passende samenlevingsvormen zullen vanzelf ontstaan. Maak je daar maar geen zorgen over. Het kan niet anders, ik leg het zo uit.

 

Eerst nog dit. Hoe verhogen we onze trilling? Eigenlijk simpel. Namelijk door je keuzes te onderzoeken en zo nodig te veranderen. Onderzoek je keuzes: zijn ze op angst gegrond? Op onwetendheid? Op onbewustzijn? Op leugen? Doe het dan niet! Stel jezelf zo vaak mogelijk deze vragen. Onderzoek, onderzoek, onderzoek. Want uiteindelijk zijn het onze keuzes die de wereld maken, of breken. It`s all about choice.

 

choice

 

Zo simpel is het dus in wezen. Door op onderzoek uit te gaan, heb ik ook een keer tot de keuze kunnen komen om niet meer te stemmen. Ik stemde altijd, maar zonder goed te begrijpen waarom. Ik kreeg er last van niet te begrijpen hoe het kan bestaan dat we als mensheid eraan toe zijn zoals we eraan toe zijn terwijl de politiek zo hard bezig is voor ons. Ik ben gaan onderzoeken en een sluier werd opgetrokken. Ik zag ineens de (weliswaar schokkende) waarheid over de politiek, maar het zeurende gevoel, de vragen, de frustratie waren weg. En dat leeft stukken prettiger. En het opende keuzes. Vrije keuzes.

 

Door met dit bewustzijn niet te stemmen, verhoog je de collectieve trilling. Omdat het fundament bewustzijn en waarheid is. En je voedt niet langer het onbewustzijn, de illusie. Het werkt dus twee kanten op: meer hogere trilling én minder lagere. In 1 klap! Als we het samen doen, kan het hard gaan.

 

Stop met de politiek te voeden en begin jezelf te voeden.

 

Politiek is een laag trillend systeem. Het verdeelt en houdt zich niet bezig met waarheid. In plaats van je energie hierop te richten (op welke wijze dan ook) kunnen we beter onze tijd en energie stoppen in een veel boeiender iets, namelijk jezelf.

 

Hoezo?

 

Om te werken aan vrede in de wereld , zullen we moeten werken aan vrede in onszelf. Om leugen en bedrog uit de wereld te krijgen, moeten we zelf stoppen met liegen en bedriegen. Etc. Dit met jezelf aangaan is een pittige reis met grote uitdagingen. Maar wel een heel vervullende reis met onmiddellijk een duurzaam effect op de wereld buiten ons. Hierin zit ‘m namelijk de crux: de wereld om ons heen is slechts een reflectie van onze innerlijke wereld. Wij ZIJN de wereld. We MAKEN (of breken) de wereld met iedere keuze in het hier en nu.

 

Het resultaat van al onze keuzes bij elkaar is wat we in de wereld buiten ons waarnemen. We zijn ongelooflijk machtig in die zin. En daarmee gepaard gaat een giga verantwoordelijkheid. De enige relevante vraag is dus: Waarop baseer jij je keuzes? Liefde of angst? Waarheid of leugen? Etc. En vervolgens: wat weerhoudt je ervan te kiezen op basis van liefde en waarheid? We moeten in onszelf zoeken naar de antwoorden. Ook ik lieg, ben wel eens gewelddadig (in woorden), jaloers, heb de neiging te controleren, etc. Waarom doe ik dat? Alles wat ik doe heeft onmiskenbaar een effect op de wereld om mij heen. IK kies wat ik doe en hoe ik het doe. Ieder moment opnieuw. Jij ook.

 

It`s all about choice…

 

Laat het eens bezinken.
Met ons verstand komen we niet verder dan een zekere mate van intelligentie. Met ons hart bereiken we het niveau van wijsheid. We moeten dus de verbinding met het hart herstellen. Er zit een hoop rotzooi in ons die de weg naar ons hart blokkeert. Laten we die opruimen en de wereld om ons heen wordt vanzelf schoner en liefdevoller. Er bestaan vele manieren om de troep op te ruimen. Ikzelf gebruik PRI  (www.pastrealityintegration.com) om de illusies in mezelf te ontmantelen. Maar het maakt niet uit hoe je het doet. Ieder kiest z`n eigen weg daarin. ALS we het maar gaan doen!

 

Echt, dáár moet al onze energie ingestopt gaan worden. Niet in het bizarre circus van de politiek. Bewust kiezen om de politiek de politiek te laten en de weg naar binnen te gaan bewandelen is een héél bewuste keuze. De kracht die daarmee gepaard gaat brengt – op energetisch niveau – fundamentele verandering teweeg. Ik kies. Jij kiest. Wat ik al zei, we zijn zo ongelooflijk machtig! Neem dus nu verantwoordelijkheid voor jezelf en de wereld. En ga op reis naar je ware zelf.

 

 

awake by self transformation Lao Tzu

Geplaatst in Uncategorized | 14 reacties